Het stralende licht van de Heer zal op je schijnen. Zijn zon gaat over je op. De aarde en de volken zullen in het donker liggen. Maar op jou zal het licht van de Heer schijnen. Iedereen zal zien dat zijn stralende macht en majesteit bij je is. De volken en hun koningen zullen naar dat licht toe komen dat op jullie schijnt.
Jeruzalem, kijk eens om je heen! Let op, ze komen allemaal van ver naar je toe. Ook je bewoners worden naar je toe gebracht, zoals je kinderen op de arm meeneemt. Ze zullen bij jou verzorgd worden. Wanneer je dat ziet, zul je tranen in de ogen hebben van blijdschap. Je hart zal bonzen van vreugde. De schatten van de zee en de rijkdommen van de volken zullen naar je toe gebracht worden.
De zon zal overdag niet meer voor je hoeven te schijnen, en de maan ’s nachts niet. Want het licht van de Heer zal voor eeuwig op je schijnen. Je God zal je licht zijn. Ik ben als een zon die nooit ondergaat en als een maan die nooit afneemt. Want Ik, de Heer, zal je eeuwige licht zijn. Er zal een einde zijn gekomen aan je tijd van rouw en verdriet. Je hele volk zal leven zoals Ik het wil. Ze zullen het land voor eeuwig bezitten. Ze zullen een stek zijn die Ik heb geplant. Ze zullen iets zijn wat Ik heb gemaakt en waarvoor Ik zal worden geprezen. Zelfs de kleinste en minst belangrijke familie zal uitgroeien tot een grote familie, een machtig volk. Ik, de Heer, zal dit op het juiste moment snel werkelijkheid maken.”
(Jesaja 60:1-5 en 19-22)
Zondag 4 januari
Aanvang 10.00 uur
Deuren open om 9.30 uur
Sta op, word verlicht, want uw lichtglans komt!
Straks staat ied’re vijand voorgoed verstomd.
Gods heerlijkheid wordt dan in u gezien,
en volkeren zullen u hulde biên.
Hef op dan uw hoofden en wees verheugd!
Straks zult gij gaan stralen van louter vreugd’.
Na al uw beproeving en diepe smart
verruimt dan ontroerd zich uw dankbaar hart.
De Here, uw God, geeft u heerlijkheid.
Zijn luisterrijk huis is vol majesteit.
Uw vijanden werpen zich bevend neer
en moeten erkennen: Uw God is Heer!
De Here is u tot een eeuwig licht.
God Zelf wist de tranen van uw gezicht.
Hij stelt u tot eeuwige heerlijkheid.
Sta op dan, o Sion, en wees verblijd!