Omdat ik veel van Sion houd en mijn hart naar Jeruzalem verlangt, zal ik niet ophouden voor haar te bidden, totdat het licht van haar vrijheid daagt en de fakkel van haar redding brandt. De volken zullen uw gerechtigheid zien. Koningen zullen worden verblind door uw glorie en God zal u een nieuwe naam geven. Hij zal u in zijn hand omhoog houden, een prachtige kroon voor de koning der koningen. U zult nooit meer ‘het door God verlaten land’ of ‘het land dat God vergat’ worden genoemd. Uw nieuwe naam zal zijn: ‘het land waar God van houdt’ en ‘de bruid,’ want de Here beleeft vreugde aan u en zal u beschouwen als zijn eigendom. Uw kinderen zullen voor u zorgen, o Jeruzalem, met vreugde als van een jonge man die met een jonge vrouw trouwt, en God zal Zich over u verheugen als een bruidegom die in de wolken is met zijn bruid.
O Jeruzalem, ik heb wachters op uw muren geposteerd die dag en nacht tot God zullen roepen voor de vervulling van zijn beloften. Neem geen rust, u die bidt, en geef God geen rust tot Hij Jeruzalem een hecht fundament geeft en zij over de hele wereld respect en bewondering afdwingt. De Here heeft Jeruzalem in al zijn oprechtheid gezworen: ‘Ik zal u nooit meer aan uw vijanden overgeven, vreemde soldaten zullen nooit meer uw koren en wijn weghalen. U verbouwde het, u zult het ook eten, God lovend. In de voorhoven van de tempel zult u zelf de wijn drinken die u hebt geperst.’
Vooruit! Snel! Maak de weg klaar voor de terugkeer van mijn volk! Herstel de wegen, ruim de stenen op en hijs de vlag van Israël. Kijk, de Here heeft zijn boodschappers naar elk land gestuurd en zegt: ‘Vertel mijn volk: Ik, de Here, uw God, kom eraan om u te redden en Ik zal u vele geschenken brengen.’ En zij zullen ‘het heilige volk’ en ‘de verlosten van de Here’ worden genoemd. Jeruzalem zal ‘begeerde stad’ en ‘door God gezegende stad’ worden genoemd.
Zondag 12 juli 2026
Aanvang 10.00 uur
Welkom!
Om Sions wil zal ik niet zwijgen,
ik zal niet rusten in haar lot,
totdat haar lichtglans stralend opgaat,
tot eer van Sions grote God.
Want ieder moet haar schoonheid zien
en haar verlosser hulde biên.
Zij zal een kroon zijn voor de HERE,
een sieraad in de hand van God.
Niet meer zal zij ”Verlaten” heten,
want zij is metgezel van God.
God Zelf Die Zich in haar verblijdt,
heeft haar getooid met heerlijkheid.
De wachters op Jeruz’lems muren,
zij zwijgen nimmer, dag noch nacht.
Zij gunnen zich geen rust in ’t vragen
om d’openbaring van Gods macht.
Tot iedereen erkennen zal:
Daar woont de koning van ’t heelal.
Baan dan de weg voor de_overwinnaar,
want Hij komt spoedig; wees bereid!
Hij zegt tot Sion: ”O verhef u;
uw koning komt met majesteit.”
U wordt door ieder hooggeschat:
Begeerde, Niet-verlatenstad.